Column: Pietertje

Op een dinsdagmiddag ging de telefoon, met de zoveelste vraag naar een boekje dat uitverkocht was. Voor het moment dat de titel weer beschikbaar was, noteerde ik haar naam.

En toen begon ze te vertellen, over haar moeder en Allerzielen. Die twee woorden waren al 67 jaar met elkaar verbonden, door een ervaring die een leven lang met haar moeder zou meetrekken. Want in 1953 verloor moeder haar zoontje Pietertje, op 2 november de dag van Allerzielen. Nog geen zes maanden op de wereld, met weinig kansen om oud te worden, maar een mens, een jongen, een kind, Pietertje.

Pietertje was terug van weg geweest, vanuit de kelder in het volle licht.

Hij werd geboren in mei en stierf in november. Zijn zus had ik aan de lijn, nu 63 jaar oud. Zij heeft hem nooit gekend maar heeft zijn foto en bidprentje altijd bij zich. Zo leeft haar broertje toch voort. Daarom was en is Allerzielen zo belangrijk: om de naam van Pietertje hardop te noemen, alsof er geen 67 jaar voorbij zijn gegaan, alsof dood niet dood is maar leven tot in de eeuwigheid. En zo is het ook.

Zijn zus vertelde verder, over het graf dat Pietertje gekregen had en dat na verloop van jaren geruimd moest worden. En over de grafsteen die daarna in de kelder van het huis bewaard werd, als een herinnering aan haar broertje. Alsof hij voor altijd daar beneden woonde en nooit gestorven was. Maar dat was niet het einde van het verhaal door de telefoon. Negen jaar geleden stierf haar vader en werd hij begraven op het plaatselijk kerkhof. Dat was een unieke gelegenheid om de grafsteen van Pietertje weer tevoorschijn te halen en op het graf van vader te plaatsen. Terug van weg geweest, vanuit de kelder in het volle licht. Iedereen kon en mocht weer lezen wat er al 67 jaar op de grafsteen staat: hier rust ons lieve Pietertje.

Zo heeft deze zus samen met haar moeder ook dit jaar Allerzielen gevierd. Ik vroeg haar waarom ze me dit allemaal vertelde. Ze antwoordde: omdat ik hem zie als mijn grote beschermengel die over me waakt. Als mijn kleine broer die in de dood mijn grote broer is geworden. Want in de eeuwigheid bestaat geen tijd en krijgt je naaste alle leeftijden.